Vak: Werkplekleren of stage 2 credits: 30
- Vakcode
- BKDH25WLS6
- Naam
- Werkplekleren of stage 2
- Studiejaar
- 2025-2026
- ECTS credits
- 30
- Taal
- Nederlands
- Coördinator
- A. Roerig
- Werkvormen
-
- Stage, werk
- Toetsen
-
- Eindgesprek - Eindgesprek
- LOL 1 Bedrijfskundig handelen - Opdracht
- LOL 2 Onderzoeken - Opdracht
- LOL 3 Innoverende en ondernemende houding tonen - Opdracht
- LOL 4 Verbinden - Opdracht
- LOL 5 Persoonlijk leiderschap tonen - Opdracht
Leeruitkomsten
Leerwegonafhankelijke leeruitkomsten (LOL’s)
LOL 1: Bedrijfskundig handelen
Niveau 2
Je analyseert bedrijfskundige vraagstukken met een gemiddelde tot hoge complexiteit in de context van de organisatie. Daarbij maak je een keuze uit meerdere methoden en/of modellen. Je exploreert met direct betrokkenen over mogelijke oorzaken en oplossingen en de daar uit voortvloeiende activiteiten, gebruikmakend van de kennis van die betrokkenen, zodat de kwaliteit van de diagnose en oplossingen worden verhoogd.
LOL 2: Onderzoeken
Niveau 2
Je verzamelt op een systematische wijze informatie over een praktijkvraagstuk, inclusief belangen en behoeften van een of enkele stakeholders, zodat de (onderzoeks)vraag achter de vraag kan worden achterhaald. Je beantwoordt de vraag op basis van passende theorieën en zelf verworven onderzoeksdata, zodat het antwoord betrouwbaar, valide en bruikbaar is en zodanig dat je je werkwijze kunt verantwoorden en kritisch kunt beschouwen.
LOL 3: Innoverend en ondernemende houding tonen
Niveau 2
Je herkent en definieert trends in de omgeving van de organisatie en/of verander- of ontwikkelvraagstukken in de organisatie en bent in staat in samenwerking met stakeholders (in de organisatie) een eigen analyse hiervan te maken. Je zet hiertoe interventies (werkvormen) in tijdens het verbeter- of innovatieproces..
LOL 4: Verbinden
Niveau 2
Je beschikt over communicatieve kennis en vaardigheden zodat je met medestudenten en op verschil-lende niveaus in een organisatie verbinden kunt maken om effectieve samenwerkingsvormen tot stand te laten komen en te onderhouden. Dit kan leiden tot het verkrijgen van informatie om effectieve en gedragen interventies te adviseren voor een bedrijfskundig vraagstuk. Hierbij is oog voor de impact voor de omgeving en de conflicterende belangen van de interventies.
LOL 5: Persoonlijk leiderschap tonen
Niveau 2
Je reflecteert op je professionele ontwikkeling en op jouw persoonlijke waarden. Je blijft ook bij grotere of complexere opdrachten effectief en efficiënt. Je stuurt bij op basis van reflectie. Je past beroepscodes en professionele waarden toe in je handelen. LOL 1: Bedrijfskundig handelen
Niveau 2
Je analyseert bedrijfskundige vraagstukken met een gemiddelde tot hoge complexiteit in de context van de organisatie. Daarbij maak je een keuze uit meerdere methoden en/of modellen. Je exploreert met direct betrokkenen over mogelijke oorzaken en oplossingen en de daar uit voortvloeiende activiteiten, gebruikmakend van de kennis van die betrokkenen, zodat de kwaliteit van de diagnose en oplossingen worden verhoogd.
LOL 2: Onderzoeken
Niveau 2
Je verzamelt op een systematische wijze informatie over een praktijkvraagstuk, inclusief belangen en behoeften van een of enkele stakeholders, zodat de (onderzoeks)vraag achter de vraag kan worden achterhaald. Je beantwoordt de vraag op basis van passende theorieën en zelf verworven onderzoeksdata, zodat het antwoord betrouwbaar, valide en bruikbaar is en zodanig dat je je werkwijze kunt verantwoorden en kritisch kunt beschouwen.
LOL 3: Innoverend en ondernemende houding tonen
Niveau 2
Je herkent en definieert trends in de omgeving van de organisatie en/of verander- of ontwikkelvraagstukken in de organisatie en bent in staat in samenwerking met stakeholders (in de organisatie) een eigen analyse hiervan te maken. Je zet hiertoe interventies (werkvormen) in tijdens het verbeter- of innovatieproces..
LOL 4: Verbinden
Niveau 2
Je beschikt over communicatieve kennis en vaardigheden zodat je met medestudenten en op verschil-lende niveaus in een organisatie verbinden kunt maken om effectieve samenwerkingsvormen tot stand te laten komen en te onderhouden. Dit kan leiden tot het verkrijgen van informatie om effectieve en gedragen interventies te adviseren voor een bedrijfskundig vraagstuk. Hierbij is oog voor de impact voor de omgeving en de conflicterende belangen van de interventies.
LOL 5: Persoonlijk leiderschap tonen
Niveau 2
Inhoud
Werkplekleren 2 als onderdeel van de bacheloropleiding kan worden behaald door na het laatste semester van jaar 2 een jaar fulltime (= 36 uur per week) in de beroepspraktijk te werken c.q. stage te lopen en is het vervolg op Werkplekleren 1. Echter het merendeel van de studenten volgt het onderwijs én werkt (of loopt stage) gelijktijdig in een relevante functie in de beroepspraktijk, waardoor de studie verkort wordt.
Onder een relevante werkplek wordt een beroepsomgeving verstaan waarin de student werkervaring op kan doen die relevant is voor de beroepspraktijk waartoe de opleiding Bedrijfskunde haar studenten opleidt. Dat wil zeggen: waarin de student werkt aan de praktische toepassing van de kennis en vaardigheden uit de opleiding op het werk. Dit kan zowel de eigen werkplek zijn, een binnen de eigen organisatie gecreëerde stageplaats of een buiten de eigen organisatie gevonden stageplaats. De werkzaamheden moeten in de loop van de tijd toenemen in moeilijkheidsgraad.
De student beoordeelt zichzelf per LOL in relatie tot de eigen werkomgeving en schrijft een verslag en verzamelt bewijsmateriaal in een portfolio. De student omschrijft aan de hand van de STARR-methode hoe en in welke mate hij de LOL’s beheerst in relatie tot eigen werkomgeving en levert hiervoor bewijsstukken aan zoals interviewverslagen, verslagen van functioneringsgesprekken, filmopnames etc.
De student kan aangeven (en aantonen) dat hij alle Lol’s op niveau 2 beheerst.
De student benoemt een aantal sterke punten, een aantal verbeterpunten en stelt een aantal concrete, SMART geformuleerde leerdoelen op.
Er wordt een gesprek gevoerd voor aanvang start werkplekleren en daarna minimaal 1 gesprek (maximaal 3). Er wordt te allen tijde een gesprek gevoerd aan het einde van dit onderdeel om het eindniveau (2) te bespreken.
Onder een relevante werkplek wordt een beroepsomgeving verstaan waarin de student werkervaring op kan doen die relevant is voor de beroepspraktijk waartoe de opleiding Bedrijfskunde haar studenten opleidt. Dat wil zeggen: waarin de student werkt aan de praktische toepassing van de kennis en vaardigheden uit de opleiding op het werk. Dit kan zowel de eigen werkplek zijn, een binnen de eigen organisatie gecreëerde stageplaats of een buiten de eigen organisatie gevonden stageplaats. De werkzaamheden moeten in de loop van de tijd toenemen in moeilijkheidsgraad.
De student beoordeelt zichzelf per LOL in relatie tot de eigen werkomgeving en schrijft een verslag en verzamelt bewijsmateriaal in een portfolio. De student omschrijft aan de hand van de STARR-methode hoe en in welke mate hij de LOL’s beheerst in relatie tot eigen werkomgeving en levert hiervoor bewijsstukken aan zoals interviewverslagen, verslagen van functioneringsgesprekken, filmopnames etc.
De student kan aangeven (en aantonen) dat hij alle Lol’s op niveau 2 beheerst.
De student benoemt een aantal sterke punten, een aantal verbeterpunten en stelt een aantal concrete, SMART geformuleerde leerdoelen op.
Er wordt een gesprek gevoerd voor aanvang start werkplekleren en daarna minimaal 1 gesprek (maximaal 3). Er wordt te allen tijde een gesprek gevoerd aan het einde van dit onderdeel om het eindniveau (2) te bespreken.
Opgenomen in opleiding(en)
School(s)
- Instituut voor Bedrijfskunde