Vak: Integrale lijn 4 Burgerschap credits: 15
- Vakcode
- PBVB25INT4
- Naam
- Integrale lijn 4 Burgerschap
- Studiejaar
- 2025-2026
- ECTS credits
- 15
- Taal
- Nederlands
- Coördinator
- M.M. Lub
- Werkvormen
-
- Individueel
- Intervisie
- Opdracht
- Stage, werk
- Werkcollege
- Toetsen
-
- Integrale lijn 4 - Portfolio assessment
Leeruitkomsten
x LOL1 Pedagogische handelen
x LOL2 (Vak)didactisch handelen
x LOL3 (Vak)inhoudelijke expertise
x LOL4 Onderzoekend handelen
x LOL5 Professionele identiteit
x LOL2 (Vak)didactisch handelen
x LOL3 (Vak)inhoudelijke expertise
x LOL4 Onderzoekend handelen
x LOL5 Professionele identiteit
Inhoud
Gedurende dit semester staat het thema ‘burgerschap’ centraal.
De student is gedurende een semester twee dagen per week op de opleidingsschool en één werkplekweek. Gedurende deze twee dagen is de student zowel in de klas als buiten de klas. De student neemt deel aan werkplekteambijeenkomsten op de opleidingsschool en werkt aan zijn ontwikkeling door middel van het uitvoeren van bewijsstukken. De student wordt begeleid door een instituutsopleider en schoolopleider. In de klas wordt de student begeleid door de werkplekbegeleider (groepsleerkracht). De student werkt aan zijn ontwikkeling door bewijsstukken te verzamelen en te verwerken in zijn portfolio op basis van de leerweg onafhankelijke leeruitkomsten op hoofdfase niveau. Er zijn dit semester een aantal vaste bewijsstukken en daarnaast verzamelt de student een aantal open bewijsstukken.
In het proces van samenwerken en –leren is feedback een belangrijk element: Feedback van de werkplekbegeleider, medestudenten, docenten van de PA, de schoolopleider en/of de instituutsopleider. De student voert tussentijds gesprekken met de opleiders en presenteert zijn werk in het werkplekteam om ontwikkeling aan te tonen. Aan het eind van het semester vindt er een eindgesprek op basis van het portfolio plaats, waarna wordt bepaald of de student voldoende ontwikkeling heeft aangetoond.
Naast het werkplekleren, volgt de student colleges op het opleidingsinstituut waarbij ze input krijgen voor het pedagogisch, didactisch en onderzoekend handelen. Tijdens de colleges wordt voortdurend de koppeling gemaakt naar hoe de student de theorie kan inzetten in de groep en de school. Om onderzoekend handelen aan te tonen, voert de student in samenwerking met andere studenten een onderzoek uit op de opleidingsschool.
Gedurende INT4 vindt er een Internationale week plaats. Tijdens deze week kunnen de studenten op excursie naar het buitenland of het at home programma volgen.
Aan het eind van het semester maakt de student de voortgangstoets. Met de voortgangstoets wordt de ontwikkeling ten aan zien van de landelijke kennisbases Lerarenopleiding basisonderwijs in kaart gebracht. In semester 4 is deze toets formatief.
De student is gedurende een semester twee dagen per week op de opleidingsschool en één werkplekweek. Gedurende deze twee dagen is de student zowel in de klas als buiten de klas. De student neemt deel aan werkplekteambijeenkomsten op de opleidingsschool en werkt aan zijn ontwikkeling door middel van het uitvoeren van bewijsstukken. De student wordt begeleid door een instituutsopleider en schoolopleider. In de klas wordt de student begeleid door de werkplekbegeleider (groepsleerkracht). De student werkt aan zijn ontwikkeling door bewijsstukken te verzamelen en te verwerken in zijn portfolio op basis van de leerweg onafhankelijke leeruitkomsten op hoofdfase niveau. Er zijn dit semester een aantal vaste bewijsstukken en daarnaast verzamelt de student een aantal open bewijsstukken.
In het proces van samenwerken en –leren is feedback een belangrijk element: Feedback van de werkplekbegeleider, medestudenten, docenten van de PA, de schoolopleider en/of de instituutsopleider. De student voert tussentijds gesprekken met de opleiders en presenteert zijn werk in het werkplekteam om ontwikkeling aan te tonen. Aan het eind van het semester vindt er een eindgesprek op basis van het portfolio plaats, waarna wordt bepaald of de student voldoende ontwikkeling heeft aangetoond.
Naast het werkplekleren, volgt de student colleges op het opleidingsinstituut waarbij ze input krijgen voor het pedagogisch, didactisch en onderzoekend handelen. Tijdens de colleges wordt voortdurend de koppeling gemaakt naar hoe de student de theorie kan inzetten in de groep en de school. Om onderzoekend handelen aan te tonen, voert de student in samenwerking met andere studenten een onderzoek uit op de opleidingsschool.
Gedurende INT4 vindt er een Internationale week plaats. Tijdens deze week kunnen de studenten op excursie naar het buitenland of het at home programma volgen.
Aan het eind van het semester maakt de student de voortgangstoets. Met de voortgangstoets wordt de ontwikkeling ten aan zien van de landelijke kennisbases Lerarenopleiding basisonderwijs in kaart gebracht. In semester 4 is deze toets formatief.
Opgenomen in opleiding(en)
School(s)
- Pedagogische Academie