Vak: Thematisch onderwijs ontwerp credits: 10

Vakcode
PBVP24MOD5
Naam
Thematisch onderwijs ontwerp
Studiejaar
2025-2026
ECTS credits
10
Taal
Nederlands
Coördinator
Y.M.C. van Ginneken
Werkvormen
  • Hoorcollege
  • Intervisie
  • Opdracht
  • Practicum / Training
  • Projectonderwijs
  • Werkcollege
Toetsen
  • Thematisch onderwijs - Performance assessment

Leeruitkomsten

  1. De student formuleert, op basis van een bestaand kader, (ontwikkelings-/ les-) doelen aansluitend bij de ontwikkelbehoefte en/of interesse van kinderen en maakt hierbij gebruik van vakinhoudelijke kennis en vaardigheden. 
  2. De student ontwerpt activiteiten bij (ontwikkelings-/ les-) doelen en selecteert hierbij passende werkvormen, materialen en middelen. 
  3. De student werkt bij het ontwerp volgens de methodiek ‘story-line’, waarbij de introductie pakkend en uitnodigend is en het ontwerp een herkenbare doorlopende lijn in het verhaal en de activiteiten laat zien.
  4. De student onderbouwt de keuzes voor activiteiten en werkvormen op basis van theorie (ontwikkelingspsychologie, SLO-leerlijnen, vakinhoudelijke informatie) en praktijk (observaties, bevindingen leerkracht, gesprek met kinderen).
  5. De student legt aan de hand van theorie en praktijkvoorbeelden uit hoe in het ontwerp van de activiteiten rekening is gehouden met sociaal psychologische processen.
  6. De student evalueert in hoeverre het doel van de activiteit is behaald. En doet suggesties voor verbetering van het ontwerp.
  7. De student reflecteert (op methodische wijze) op zijn eigen gedrag tijdens de uitvoering van de activiteiten en formuleert wat dit betekent voor zijn professionele handelen.\\
x□ LOL1 Pedagogische handelen
x□ LOL2 (Vak)inhoudelijke expertise
x□ LOL3 (Vak)didactisch handelen
x□ LOL4 Onderzoekend handelen
x□ LOL5 Professionele identiteit

Inhoud

In deze module ontwikkelt de student diverse activiteiten (voor 1 week) aan de hand van een thema passend bij de doelgroep van de stage (werkplekleren/ module 6). De student voert minimaal zeven van deze activiteiten uit.
De methodiek die tijdens de module wordt gevolgd is storyline (verhalend ontwerpen). Dit betekent dat activiteiten gekoppeld zijn aan een verhaal.
De student kiest een thema (vrije keuze) en maakt naar aanleiding daarvan een project (minimaal negen en maximaal tien activiteiten in een week) op basis van; wat hebben de kinderen dit jaar nog niet/ in mindere mate gehad? Wat kan ik aanbieden vanuit een leerlijn? Wat hebben de leerlingen allemaal nodig (vanuit talentenkracht)? Hoe kunnen we kinderen de kans geven om hun eigen talenten te ontdekken? Wat is mijn eigen interesse als student? In hoeverre speelt mijn activiteit in op de basisbehoeften van kinderen?

De activiteiten bestaan in ieder geval uit de volgende onderdelen:
  1. Inleiding van het verhaal/project.
  2. Een activiteit gericht op taal
  3. Een tweede activiteit gericht op taal
  4. Een activiteit gericht op rekenen
  5. Een tweede activiteit gericht op rekenen
  6. Een activiteit gericht op cluster 1
  7. Een activiteit gericht op cluster 2
  8. Een activiteit gericht op burgerschap/thema uit de sociale psychologie
  9. Afsluiting verhaal/project
De tiende activiteit is vrij. De student kan ervoor kiezen om een tweede activiteit te ontwikkelen en uit te voeren omdat de student niet geheel tevreden is over de uitvoer of omdat de student meer de diepte in wil gaan of omdat de student enorme betrokkenheid ervaart en graag nog een activiteit wil uitvoeren. Ook kan de student ervoor kiezen om combinaties te maken zodat je een cluster vak combineert met taal.

Bij de activiteiten maakt de student gebruik van de SLO-leerlijnen.

Opgenomen in opleiding(en)

School(s)

  • Pedagogische Academie