Vak: Educatie Maken 5 credits: 10
- Vakcode
- DMVB24EDU5
- Naam
- Educatie Maken 5
- Studiejaar
- 2026-2027
- ECTS credits
- 10
- Taal
- Nederlands
- Coördinator
- C. Homminga
- Werkvormen
-
- Intervisie
- Opdracht
- Projectonderwijs
- Simulatie
- Stage, werk
- Werkcollege
- Toetsen
-
- Portfolio Assessment 5 - Portfolio assessment
Leeruitkomsten
2.6 Je levert, een bijdrage aan de ontwikkeling van disciplineoverstijgende leerprocessen, zowel binnen de kunstvakken als daarbuiten.
2.7 Je toetst, evalueert en waardeert op verantwoorde wijze de ontwikkeling en voortgang van de lerenden.4.4 Je analyseert en evalueert de verzamelde informatie op basis van persoonlijke ervaringen en (theoretische) bronnen en verwerkt jouw bevindingen in de beroepspraktijk.
Inhoud
2. Je ontwerpt en creƫert, in afstemming met betrokkenen, vanuit een coherente artistieke en pedagogisch-didactische visie, betekenisvolle leeromgevingen.
a) Je kent diverse manieren om theorie en praktijk van kunst en cultuur over te dragen;
b) Je kent kernconcepten en stromingen uit vakdidactiek, psychologie, pedagogiek en onderwijskunde;
c) Je kent verschillende methodieken voor kunsteducatief ontwerp;
d) Je kent interdisciplinaire methodieken om het actuele cultuuraanbod (dans, theater, muziek, film, beeldend) te ontsluiten en te beschouwen;
e) Je kent het discours rond inclusie, kansengelijkheid en duurzaamheid in kunst en educatie;
f) Je kent strategieƫn om kunsteducatie te verbinden met kritisch burgerschap;
g) Je kent voorbeelden van transdisciplinair werken, zowel binnen kunstvakken als met andere disciplines;
h) Je kent theorie over verschillende vormen van toetsen en beoordelen.
4. Je handelt onderzoekend, gericht op het ontwikkelen en verbeteren van je kunsteducatieve beroepspraktijk.
a) Je kent fases van een onderzoekscyclus;
b) Je kent voorbeelden van onderzoeksvormen (bijvoorbeeld ontwerpgericht, artistiek, literatuuronderzoek);
c) Je kent onderzoeksinstrumenten uit artistiek en kunsteducatief onderzoek (bijvoorbeeld interviews, observaties, vragenlijsten, a/rt/ography, logging).
a) Je kent diverse manieren om theorie en praktijk van kunst en cultuur over te dragen;
b) Je kent kernconcepten en stromingen uit vakdidactiek, psychologie, pedagogiek en onderwijskunde;
c) Je kent verschillende methodieken voor kunsteducatief ontwerp;
d) Je kent interdisciplinaire methodieken om het actuele cultuuraanbod (dans, theater, muziek, film, beeldend) te ontsluiten en te beschouwen;
e) Je kent het discours rond inclusie, kansengelijkheid en duurzaamheid in kunst en educatie;
f) Je kent strategieƫn om kunsteducatie te verbinden met kritisch burgerschap;
g) Je kent voorbeelden van transdisciplinair werken, zowel binnen kunstvakken als met andere disciplines;
h) Je kent theorie over verschillende vormen van toetsen en beoordelen.
4. Je handelt onderzoekend, gericht op het ontwikkelen en verbeteren van je kunsteducatieve beroepspraktijk.
a) Je kent fases van een onderzoekscyclus;
b) Je kent voorbeelden van onderzoeksvormen (bijvoorbeeld ontwerpgericht, artistiek, literatuuronderzoek);
c) Je kent onderzoeksinstrumenten uit artistiek en kunsteducatief onderzoek (bijvoorbeeld interviews, observaties, vragenlijsten, a/rt/ography, logging).
Opgenomen in opleiding(en)
School(s)
- Prins Claus Conservatorium