Vak: Module 2.1 Werken met groepen credits: 30
- Vakcode
- SOXA26WG
- Naam
- Module 2.1 Werken met groepen
- Studiejaar
- 2026-2027
- ECTS credits
- 30
- Taal
- Nederlands
- Coördinator
- J. van der Slot
- Werkvormen
-
- Action learning
- Gastcollege
- Hoorcollege
- Practicum / Training
- Projectonderwijs
- Stage, werk
- Werkcollege
- Toetsen
-
- Filmopname netwerkgesprek - Vaardigheidstoets
- Groepsdynamica - Presentatie
- Toekomstplan - Professioneel product
- Vakgesprek Werken met groepen - Eindgesprek
Leeruitkomsten
3. Hanteren van de relatie
Bouwt vanuit oprechte betrokkenheid en een open en respectvolle houding een vertrouwensrelatie op en draagt er zorg voor dat de behoefte van de cliënt en/of het cliëntsysteem helder wordt. Zet communicatieve vaardigheden in om binnen deze relatie om te gaan met strijdige belangen.
4. Methodisch hulpverlenen
Verheldert vragen en behoeften van de cliënt en het cliëntsysteem. Vertaalt dit zelfstandig binnen de cyclus van methodisch handelen en neemt het zelfbeschikkingsrecht van de cliënt en het cliëntsysteem als uitgangspunt.
5. Ontwerpen van programma’s
Stimuleert de cliënt en het cliëntsysteem om zelf oplossingen te bedenken die leiden tot de voor hen gewenste situatie. Biedt, binnen de beschikbare beleidsmatige en financiële kaders, begeleiding bij het realiseren van een ondersteuningsaanbod, dat recht doet aan de wensen en behoeften van de cliënt en het cliëntsysteem.
6. Verantwoorden van handelen
Is aanspreekbaar op het eigen beroepsmatig handelen en de gevolgen daarvan voor het realiseren van de doelen van de cliënt. Kan daarbij te allen tijde verantwoording afleggen tegenover cliënten, hun wettelijk vertegenwoordigers, financiers, en andere betrokkenen.
9. Signaleren en initiëren
Herkent signalen van crisissituaties en reageert adequaat hierop. Werkt preventief door vroegtijdige signalering van probleem veroorzakende en probleem versterkende factoren op het gebied van sociaal maatschappelijke participatie en brengt deze onder de aandacht bij betrokkenen en belanghebbenden waardoor zwaardere zorg voorkomen kan worden.
Bouwt vanuit oprechte betrokkenheid en een open en respectvolle houding een vertrouwensrelatie op en draagt er zorg voor dat de behoefte van de cliënt en/of het cliëntsysteem helder wordt. Zet communicatieve vaardigheden in om binnen deze relatie om te gaan met strijdige belangen.
4. Methodisch hulpverlenen
Verheldert vragen en behoeften van de cliënt en het cliëntsysteem. Vertaalt dit zelfstandig binnen de cyclus van methodisch handelen en neemt het zelfbeschikkingsrecht van de cliënt en het cliëntsysteem als uitgangspunt.
5. Ontwerpen van programma’s
Stimuleert de cliënt en het cliëntsysteem om zelf oplossingen te bedenken die leiden tot de voor hen gewenste situatie. Biedt, binnen de beschikbare beleidsmatige en financiële kaders, begeleiding bij het realiseren van een ondersteuningsaanbod, dat recht doet aan de wensen en behoeften van de cliënt en het cliëntsysteem.
6. Verantwoorden van handelen
Is aanspreekbaar op het eigen beroepsmatig handelen en de gevolgen daarvan voor het realiseren van de doelen van de cliënt. Kan daarbij te allen tijde verantwoording afleggen tegenover cliënten, hun wettelijk vertegenwoordigers, financiers, en andere betrokkenen.
9. Signaleren en initiëren
Herkent signalen van crisissituaties en reageert adequaat hierop. Werkt preventief door vroegtijdige signalering van probleem veroorzakende en probleem versterkende factoren op het gebied van sociaal maatschappelijke participatie en brengt deze onder de aandacht bij betrokkenen en belanghebbenden waardoor zwaardere zorg voorkomen kan worden.
Inhoud
Kwalificaties
3, 4, 5, 6, 9
Niveau
Kiezen (2)
Inhoud
In deze module staan de thema’s netwerkgericht werken, ethiek, werken in en met een groep en kennis van (dubbele) diagnoses centraal. De module is gericht op het in kaart brengen van de wensen van één of meerdere cliënt(en) die voor hen belangrijk zijn. De cursist stelt samen met de cliënt en diens netwerk een plan op waarin doelen geformuleerd zijn die voor de cliënt bijdragen aan het hebben van een goed leven. Kennis en vaardigheden staan in het teken van het samenwerken met het netwerk, waaronder systemische gespreksvoering, groepsdynamica en omgaan met agressie. Er is aandacht voor theorieën die dit ondersteunen, zoals: ethiek, wet- en regelgeving, kennis van verslaving, co-morbiditeit en medische basiskennis.
3, 4, 5, 6, 9
Niveau
Kiezen (2)
Inhoud
In deze module staan de thema’s netwerkgericht werken, ethiek, werken in en met een groep en kennis van (dubbele) diagnoses centraal. De module is gericht op het in kaart brengen van de wensen van één of meerdere cliënt(en) die voor hen belangrijk zijn. De cursist stelt samen met de cliënt en diens netwerk een plan op waarin doelen geformuleerd zijn die voor de cliënt bijdragen aan het hebben van een goed leven. Kennis en vaardigheden staan in het teken van het samenwerken met het netwerk, waaronder systemische gespreksvoering, groepsdynamica en omgaan met agressie. Er is aandacht voor theorieën die dit ondersteunen, zoals: ethiek, wet- en regelgeving, kennis van verslaving, co-morbiditeit en medische basiskennis.
Opgenomen in opleiding(en)
School(s)
- Academie voor Sociale Studies