Vak: Beargumenteren van zorg bachelor niveau 2 credits: 15
- Vakcode
- HVMB25BVZ2
- Naam
- Beargumenteren van zorg bachelor niveau 2
- Studiejaar
- 2025-2026
- ECTS credits
- 15
- Taal
- Nederlands
- Coördinator
- A.C. de Vries
- Werkvormen
-
- Action learning
- Gastcollege
- Hoorcollege
- Opdracht
- Projectonderwijs
- Werkcollege
- Toetsen
-
- Beargumenteren van zorg bachelor niveau 2 - Portfolio assessment
- Voorbehouden en risicovolle handelingen - Portfolio assessment
Leeruitkomsten
| Deskundigheidsgebied | Niveau | Omschrijving |
| 1. Beargumenteren van zorg | Niveau 2 | De beginnend beroepsbeoefenaar onderbouwt en voert de zorg zelfstandig uit in complexe authentieke zorgsituaties, volgens de geldende visie op verplegen en op basis van klinisch redeneren binnen het verpleegkundige proces. Dit wordt gedaan conform best passende methoden, richtlijnen en (wettelijke) kaders en evidence based practice om het zelfmanagement van de zorgvrager te stimuleren passend bij de situatie. |
| 1. Beargumenteren van zorg | Niveau 2 | De beginnend beroepsbeoefenaar maakt zelfstandig gebruik van de best passende communicatiemiddelen om binnen een complexe authentieke situatie op persoonsgericht en professionele wijze met de zorgvrager, diens naasten, en andere zorgprofessionals te communiceren om het zelfmanagement te stimuleren. |
Indicatoren
| Beschrijving |
| Kan informatie verzamelen en combineren vanuit diverse bronnen in de verschillende fasen van het verpleegkundig proces en maakt beargumenteerde keuzes obv. de stappen van EBP en gebruikt het best beschikbare bewijs uit wetenschappelijk onderzoek (BN2030). |
| Werkt volgens standaarden, richtlijnen en protocollen en kan verantwoord afwijken als de wensen van de zorgvrager of eigen professionele of morele afwegingen daartoe aanleiding geeft (BN2030). |
| Signaleert en neemt verantwoordelijkheid voor het overnemen van de zorg daar waar dit vanuit kwetsbaarheid van de zorgvrager gevraagd wordt om het zelfmanagement te stimuleren (BN2030). |
| Verleent, passend bij het moment en de omstandigheden, verpleegkundige zorg vanuit holistisch perspectief van wonen, welzijn, zorg, zingeving, sociale context en cultuur (BN2030). |
| Kan gesprekstechnieken toepassen, passend bij de zorgvrager en de fase van het verpleegkundig proces (BN2030). |
| Communiceert binnen de gespreksvoering op inhouds-, procedure- en procesniveau en schakelt soepel tussen deze niveaus (BN2030). |
| Evalueert bedoelde en onbedoelde resultaten en gevoelens van de eigen communicatie, waarbij ook de impliciete oordeelsvorming van keuzes in de communicatie worden betrokken (BN2030). |
Inhoud
Deze module bestaat uit twee delen, namelijk ‘beargumenteren van zorg’ en ‘uitvoeren voorbehouden en risicovolle handelingen’.
Bij ‘beargumenteren van zorg’ laat de student zien dat alle fasen van het klinisch redeneren worden beheerst en dat de student praktijk en de theorie kan integreren en toepassen in een specifieke verpleegsituatie. Hierbij betrekt de student de zorgvrager en/of diens naasten.
De student zal in een zogenaamde professionele leergemeenschap (PLG) werken. Tijdens de lesdagen zal aan de hand van thema’s theoretische verdieping worden aangeboden in het deskundigheidsgebied beargumenteren van zorg en oefenmogelijkheid ten aanzien van communicatieve vaardigheden. Er is tevens de beschikking over een digitale leeromgeving met toolbox.
Tijdens de bijeenkomsten van de leergemeenschap krijgt de student inzicht in het eigen leerproces en de stappen die de student moet nemen om de leeruitkomst te behalen. Dit gebeurt onder andere door feedback van medestudenten en docenten tijdens het volgen van de module.
Binnen deze module wordt gewerkt aan de persoonlijke en professionele (identiteits-) ontwikkeling in een cyclisch proces, gericht op leerdoelen, zelfevaluatie en reflectie. Deze reflectie moet worden uitgevoerd door middel van een toegepaste reflectiemethodiek. Zie voor specifieke informatie de cursustekst ‘Professionele identiteitsontwikkeling niveau 2 – DT’
Reguliere deeltijd studenten werken, gedurende 1 semester, gemiddeld 3 uur per week in onderwijsbijeenkomsten aan deze module met daarnaast zelfstudie en werkplekleren.
FastSwitch en v-flex studenten bepalen zelf het eigen tempo conform hun plan van aanpak. In overleg met de docent wordt het toetsmoment vastgesteld. De student ontvangt gemiddeld 2 uur begeleiding per week in de leergemeenschap.
Voor de deeltoets ‘uitvoeren voorbehouden en risicovolle handelingen’ kan de student gebruik maken van scholing op de eigen werkplek, een gecertificeerd instituut of van de academie. De student verdiept zich theoretisch via e-learning en kan zich inschrijven voor scholing en toetsing per vaardigheid. Gedurende de afstudeerfase worden meerdere scholingen aangeboden, behalve voor BLS/ AED. Daar moet de student zelf voor zorgdragen.
Competentie beheersingsniveau (CBN, 2022)
Binnen het eindniveau is sprake van een complexe context waarbij de focus ligt op het methodisch handelen in onvoorspelbare, complexe situaties. De aard van de taak is complex en ongestructureerd. Er is meer ruimte voor innovatie en leiderschap binnen het zorgproces, waarbij de student vaak een coördinerende of leidende rol op zich neemt in samenwerkingsverbanden.
De focus ligt op student gestuurd onderwijs waarbij meer op aanvraag begeleid zal worden. Het handelen vindt zoveel mogelijk zelfstandig plaats met argumentatie achteraf. De studenten worden gestimuleerd op het zelfstandig toepassen van (strategische) planning, self-efficacy, motivatie en reflectie. De reflectie op het handelen is gericht op durven, willen en zijn, waarbij de focus ligt op een duurzame ontwikkeling.
Toetsing
Beargumenteren van zorg wordt getoetst door middel van een portfolio met bewijsstukken waaruit blijkt dat je de beoogde leeruitkomsten in voldoende mate beheerst. Je bepaalt in samenspraak met docent en werkbegeleider met welke bewijsstukken je de leeruitkomsten en bijbehorende gedragsindicatoren wilt aantonen. Het portfolio zal bestaan uit een combinatie van beroepsprodukt(en) en/ of diensten die je zelf hebt uitgevoerd met feedback van anderen en korte praktijkevaluaties van de werkbegeleider. Het portfolio wordt beoordeeld met een cijfer.
De voorbehouden- en risicovolle handelingen worden getoetst met zogenaamde performancetoetsen. Je verzamelt bewijsstukken waaruit blijkt dat je alle voorbehouden en risicovolle handelingen in voldoende mate beheerst. Als alle bewijsstukken aanwezig zijn wordt het portfolio beoordeeld met voldoende.
De student heeft recht op twee toetsmomenten per studiejaar.
Vrijstellingen kunnen worden verleend op basis van eerder behaalde resultaten elders en/of werkervaring.
| Naam | Weging | ECTS | Toetsvorm | Beoordelingsschaal | Bewijsstukken |
| TOETS-01 - Beargumenteren van zorg | 1 | 13 | Portfolio assessment | 1 - 10 |
|
| TOETS-02 - Voorbehouden en risicovolle handelingen | 1 | 2 | Portfolio assessment | 1 - 10 |
Toelichting toets(en)
TOETS-01 - Beargumenteren van zorg
Tijdens deze module werkt de student aan het behalen van leerwegonafhankelijke leeruitkomsten, waarbij gedragsindicatoren richtinggevend zijn voor de toetsing. De module wordt getoetst door middel van een portfolio met bewijsstukken waaruit blijkt dat de student de beoogde leeruitkomsten in voldoende mate beheerst.
De student bepaalt in samenspraak met docent en werkbegeleider met welke bewijsstukken hij/zij/hen de leeruitkomsten wil aantonen. Het portfolio zal bestaan uit een combinatie van beroepsprodukt(en) en/ of diensten die hij/zij/hen zelf heeft uitgevoerd met feedback van anderen en korte praktijkevaluaties van de werkbegeleider. De leeruitkomsten en gedragsindicatoren vormen de basis voor het beoordelen van het portfolio. Per gedragsindicator wordt beoordeeld of deze in voldoende mate wordt aangetoond in het portfolio. Deze beoordelingen worden door de docent gewogen om tot een eindoordeel te komen van onvoldoende (cijfer tussen 0 – 5,4), voldoende (cijfer tussen 5,5 en 7,9) of goed (cijfer tussen 8 en 10).
De student heeft recht op twee toetsmomenten per studiejaar.
Vrijstellingen kunnen worden verleend op basis van eerder behaalde resultaten elders en/of werkervaring.
De voorbehouden- en risicovolle handelingen worden getoetst met zogenaamde performancetoetsen op de eigen werkplek, gecertificeerde instellingen of op de academie.
TOETS-02 - Voorbehouden en risicovolle handelingen
Voor het afronden van het deeltentamen ‘uitvoeren voorbehouden en risicovolle handelingen’ verzamelt de student bewijzen van kunnen over het uitvoeren van deze handelingen in een complexe situatie in de praktijk.
Het betreft bewijzen van kunnen van de volgende handelingen:
Klaarmaken infuussysteem/ verwisselen infuuszak
Toedienen medicatie per perifeer infuus
Inbrengen/ verwijderen neus-maagsonde
Toedienen van sondevoeding m.b.v. spuit of voedingspomp
Inbrengen van blaaskatheter (eenmalig of verblijfs-)
Subcutaan injecteren
Intramusculair injecteren
BLS/AED
De student kan hierbij gebruik maken van cerficaten afgegeven door gecertificeerd toetser van werkgever, certificaten afgegeven door een gecertificeerd instituut of certificaten afgegeven door docenten van de academie voor verpleegkunde. De certificaten moeten gedateerd zijn in de periode na start van de opleiding. Voor BLS/ AED geldt een geldigheidsduur van 2 jaar.
Bewijsstukken
Beroepsproducten en/of diensten door de student zelf uitgevoerd
Individueel product
Beroepsproducten en/of diensten door de student zelf uitgevoerd (inclusief theoretische onderbouwing van het professionele handelen)
Feedback van deskundigen
Individueel product
Feedback van deskundigen
Korte praktijkevaluaties
Individueel product
Korte praktijkevaluaties van werkbegeleider (en/of relevante anderen) over functioneren ten aanzien van de leerwegonafhankelijke leeruitkomsten.
Opgenomen in opleiding(en)
School(s)
- Academie voor Verpleegkunde